donderdag 15 september 2016

Over Polen en stemmingmakerij in raadszaal en pers

In de laatste commissie bestuur en middelen 15 sept kwam ik nog terug op de gehouden extra raadsvergadering over baldadige Polen, mijn bijdrage is hier integraal te lezen.
De Spakenburgse Vrijheidspartij is nog steeds van mening dat met het beleggen van een raadsvergadering over baldadige Polen in het zomerreces sprake was van paniekvoetbal. Dank aan de heer Wieldraaier (CDA) dat u woorden van gelijke strekking gebruikte tijdens deze raadsvergadering waar ik dus niet bij kon zijn. Ook dank aan de heer Walter Koelewijn (CU) die memoreerde dat er geen verband hoeft te bestaan tussen het aantal bewoners in een woning en het verstoren van de openbare orde. (ik ga nu uit van berichten die ik in de pers heb gelezen) Ik had deze opmerkingen al voordat de raadsvergadering begon mijn collega fractievoorzitters doen toekomen. Zo zie je maar weer dat het helemaal niet zo dramatisch is als je er een keer niet bent. Anderen doen gewoon het woord voor je. In die zelfde persberichten las ik dat de heer Heinen (SGP) een opmerking maakte over Syrische vluchtelingen etc. En de heer de Boer (VVD) over een lokale Wilders die er niet was en over een PVV Polenmeldpunt iets had gezegd. Welnu beide uitlatingen schaar ik maar onder stemmingmakerij. Ook de lokale politiek commentator Jan Muijs vond het maar merkwaardig dat ik mijn achterban niet vertegenwoordigde. Welnu, ik was verhinderd omdat ik elders maatschappelijke verplichtingen had. Ik werk tegenwoordig vaak met lieve hardwerkende Polen. Over hoor en wederhoor willen de lokale journalistieke fantasten blijkbaar niets meer weten. De achterban van de SVP raakt bovendien niet zo gauw in de stress van een paar ruziĆ«nde Polen. Kwalijk vind ik het dat ik in de pers word neergezet alsof ik mij er met een jantje-van-leiden van af maak door niet op die raadsvergadering te zijn en dat de artikelen die ik over dit onderwerp naar de redactie stuur niet worden geplaatst. Tot zover mijn terugblik. Het idee om van Polen een verklaring omtrent het gedrag te laten overhandigen bij het solliciteren naar werk vind de SVP een slecht plan. Vraag aan college; staat dit niet op gespannen voet met de wet gelijke behandeling. Ten eerste is voor het soort arbeid zo een verklaring niet nodig. En Nederlandse werknemers zijn niet verplicht zo’n verklaring te overhandigen, wat is de rol van de gemeente hierin? Of is dit puur een zaak van de uitzendbranche?

dinsdag 6 september 2016

Lieve Polen in Spakenburg

Schreef ik in mijn vorige stukje nog over baldadige Polen, nu wat aandacht voor twee voorbeelden van lieve Polen. Voorbeelden uit mijn eigen maatschappelijk leven. In deze periode van mijn leven doe ik namelijk uitzendwerk op oproepbasis. Zo werd ik verwacht in een grote drankfabriek in Bunnik tijdens de avond van de raadsvergadering waar over baldadige Polen gesproken zou worden. Ik ontmoette een ietwat verlegen Poolse collega die trouw zijn werk deed.  Hij was aardig en ijverig en liet op mij niet meteen een indruk achter al zou hij binnenkort een aantal landgenoten met een mes achterna rennen. En onlangs werd ik gevraagd om bij te springen in een soesjesfabriek in mijn eigen woonplaats. Ik stond samen met een lief Pools meisje soesjes voor te bereiden op een chocolade-bad. Hoewel het Engels voor verbetering vatbaar was, was er die dienst toch sprake van leuke samenwerking en wederzijds respect. Tja, als ik dan terugblik op de vergadering waar ik niet bij was dan vraag ik mij af of er geen sprake is geweest van een storm in een glas water. In de pers las ik dat er verbazing was dat Koops er niet was en ook de politiek commentator in de lokale krant vond het maar merkwaardig dat Koops zijn achterban niet vertegenwoordigde deze avond bij het o zo belangrijke agendapunt, hetgeen de landelijke pers zelfs haalde. U zult het met mij eens zijn dat er overal aardige en lieve mensen zijn en minder aardige mensen die stoute dingen doen. Er is niets nieuws onder de zon… Prediker zei het al! En dan vergeet ik bijna nog Karol met wie ik in de maanden december en januari werkte in een plaatselijk visbedrijf. Deze jonge hond kon werken als een paard. Hij was sociaal en vriendelijk en ik kon zijn werktempo bijhouden aan de pollak lopende band. Ik geniet nu nog van de Krupnik die hij voor mij mee had genomen uit zijn vaderland. Ik ben nog niet zo negatief over een groot aantal van onze Poolse gasten!